Citaat | Raad van State 11 januari 2017
Alinea 30 Raad van State 11 januari 2017
Een alinea uit Raad van State 11 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:33.
4.2. De rechtbank is er terecht van uitgegaan dat het loonnormbedrag als bedoeld in artikel 1d, eerste lid, aanhef en onder a, onder 1˚, van het Besluit en op de voet van het derde lid van dit artikel vastgesteld bij ministeriële regeling, een bedrag exclusief vakantie-uitkering is, en dat het legaliteitsbeginsel niet is geschonden. Uit het in 4.1 weergegeven wettelijk kader volgt dat het loonnormbedrag van artikel 1d, eerste lid, aanhef en onder a, onder 1˚, van het Besluit jaarlijks bij ministeriële regeling wordt vastgesteld. Het loonnormbedrag voor het aan de orde zijnde jaar 2014 is vastgesteld bij ministeriële regeling van 28 november 2013. Artikel 1 van deze regeling, voor zover hier van belang, luidt: "Het minimum bruto inkomen per maand (exclusief vakantie-uitkering), genoemd in artikel 1d, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen, wordt voor 2014 vastgesteld op € 2.968,-, indien de kennismigrant de leeftijd van dertig jaar niet heeft bereikt;". Deze ministeriële regeling is gepubliceerd in de Staatscourant van 6 december 2013, nr. 34008. Uit artikel 1d, eerste lid, aanhef en onder a, onder 1˚, van het Besluit, gelezen in samenhang met het derde lid van dit artikel en voormelde ministeriële regeling van 28 november 2013, volgt ondubbelzinnig dat het gaat om een loonnormbedrag exclusief vakantie-uitkering. Dat dit inmiddels in het bij Besluit van 29 januari 2015, Staatsblad 2015, 44, per 1 maart 2015 gewijzigde Besluit zelf uitdrukkelijk is vermeld, doet daaraan niet af. [appellante] maakte gebruik van de regeling voor kennismigranten en behoorde te weten dat het loonnormbedrag voor het jaar 2014 bij ministeriële regeling zou worden vastgesteld. Gelet hierop behoorde zij ook op de hoogte te zijn van de inhoud van de ministeriële regeling van 28 november 2013, zoals gepubliceerd in de Staatscourant van 6 december 2013. Zij diende immers te weten welk loonnormbedrag in dat jaar op haar van toepassing was. Overigens is niet gebleken dat [appellante] artikel 1d, eerste lid, aanhef en onder a, onder 1˚, van het Besluit onjuist heeft begrepen. Uit het boeterapport volgt immers dat de assistent en het salarisadministratiekantoor van [appellante] ervan uitgingen dat de uit te betalen salarissen van de vreemdelingen moesten worden verlaagd met 8% vakantie-uitkering. De salarissen exclusief vakantie-uitkering lagen ook boven het geldende loonnormbedrag van € 2.968,00. Echter, doordat de assistent al bedragen exclusief 8% vakantie-uitkering aan het salarisadministratiekantoor had doorgegeven, en het salarisadministratiekantoor deze vervolgens met dit percentage had verlaagd, kwamen de daadwerkelijk uitbetaalde salarissen van de vreemdelingen in de betreffende periode abusievelijk onder het geldende loonnormbedrag te liggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/638866ceff108036331ba8a3b650a57355dbb7951e16ad70651c305550bc19ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 638866ceff108036331ba8a3b650a57355dbb7951e16ad70651c305550bc19ae, en de alinea staat in dat document op bytes 12162 tot 14996.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/638866ceff108036331ba8a3b650a57355dbb7951e16ad70651c305550bc19ae | shasum -a 256