Citaat | Raad van State 20 december 2017

Alinea 36 Raad van State 20 december 2017

Een alinea uit Raad van State 20 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3478.

5. [appellant] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat zich bijzondere omstandigheden voordoen, waarin het college aanleiding had moeten vinden om geheel of gedeeltelijk af te zien van de invordering van de verbeurde dwangsom. Daartoe voert hij aan dat aan de essentie van de last het staken en gestaakt houden van de bedrijfsactiviteiten vormde, en dat hij daaraan had voldaan. Volgens [appellant] kan hem, gelet op de algemene formulering in de last wat betreft de verwijdering van bedrijfsmatige voorzieningen, in verminderde mate worden verweten niet alle betreffende voorzieningen te hebben verwijderd. Verder komt volgens [appellant] betekenis toe aan de omstandigheid dat het college pas kort voor het verjaren van de bevoegdheid tot het invorderen van de dwangsom alsnog tot invordering is overgegaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca8cfa51945c15ef52aee374fdc15dfefcc0786957daa4239eadf0d97f5fef88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca8cfa51945c15ef52aee374fdc15dfefcc0786957daa4239eadf0d97f5fef88, en de alinea staat in dat document op bytes 14929 tot 15760.