Citaat | Raad van State 8 februari 2017

Alinea 147 Raad van State 8 februari 2017

Een alinea uit Raad van State 8 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:353.

Daarnaast betogen zij dat de voorwaardelijke verplichting niet leidt tot een verkeersveilige situatie en meebrengt dat het woon- en leefklimaat, in het bijzonder bij de woning van [appellant sub 1] aan de [locatie 2], zal worden aangetast. Door de samenvoeging en splitsing van wegen zal een gevaarlijke situatie ontstaan. [appellant sub 1] zal zijn voordeur niet meer kunnen gebruiken. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] wijzen erop dat de Molenweg onoverzichtelijk is met een bocht en een helling en zonder trottoir. Verder wordt volgens [appellant sub 1] en [appellant sub 2] ten onrechte geen aandacht besteed aan fietsende en lopende kinderen en volwassenen. Daarbij voeren zij aan dat het verkeer naar de basisscholen, anders dan het college stelt, niet via de oostelijke, maar de westelijke route zal verlopen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5ffd88e1e31337cb751c19c21ad8203988120110e82bf1392023ab9e046d79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5ffd88e1e31337cb751c19c21ad8203988120110e82bf1392023ab9e046d79, en de alinea staat in dat document op bytes 56049 tot 56883.