Citaat | Raad van State 22 december 2017

Alinea 170 Raad van State 22 december 2017

Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.

De hiervoor gemaakte tweedeling, waarbij de (al dan niet exceptieve) vaststelling van onverbindendheden wegens strijd met hoger recht als regel wordt beschouwd als ambtshalve aanvulling van rechtsgronden, (zie noot 59) en alleen de mogelijke onverbindendheid van de bestuurlijke bevoegdheid op zich als kwestie van openbare orde ambtshalve moet worden getoetst, lijkt mij op hoofdlijnen in lijn met de literatuur en vindt ondersteuning in veel rechtspraak. (zie noot 60) Zij lijkt mij ook heel verdedigbaar, omdat de ambtshalve toetsingsplicht hiermee beperkt blijft en daarmee ook het gevaar van reformatio in peius. (zie noot 61) Tegelijkertijd moet ik toegeven dat ik in het voorgaande de rechtspraak van de bestuursrechter strakker heb weergeven dan zij in werkelijkheid is. Zoals ook uit de dissertatie van Brugman en het recent bewerkte handboek van Schreuder-Vlasblom blijkt, zijn er ook uitspraken die niet netjes in de tweedeling vallen en/of waarin niet duidelijk is of de bestuursrechters een onverbindendheid ambtshalve aanvult of toetst. (zie noot 62) Op dit punt bestaat behoefte aan een leidinggevende uitspraak van de bestuursrechters.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 112566 tot 113730.