Citaat | Raad van State 22 december 2017
Alinea 268 Raad van State 22 december 2017
Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.
Wat betreft andere algemene rechtsbeginselen is duidelijk dat gebreken in de motivering op zichzelf niet tot onverbindendheid kunnen leiden, maar wel een rol kunnen spelen in het kader van de willekeurtoets. Datzelfde geldt in positieve zin voor de - op het thans in artikel 3:4, tweede lid, Awb gecodificeerde materiële zorgvuldigheidsbeginsel te baseren - toekenning van ‘enigerlei vorm van vergoeding’ aan hen wier belangen als gevolg van het algemeen verbindend voorschrift in het gedrang komen, in die zin dat van willekeur niet (snel) sprake zal zijn als een dergelijke vergoeding wordt toegekend. Hoewel daarover verschillend kan worden gedacht, lijkt die willekeursluis ook te gelden voor andere algemene rechtsbeginselen. (zie noot 115) Ook schending daarvan kan alleen tot onverbindendheid leiden als daardoor sprake is van willekeur.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 187197 tot 188059.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788 | shasum -a 256