Citaat | Raad van State 22 december 2017

Alinea 345 Raad van State 22 december 2017

Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.

"De Raad deelt dan ook het standpunt van appellant dat de eisen die bij de korte vrijstellingstoets worden gesteld ten aanzien van de mondelinge en schriftelijke vaardigheden in de Nederlandse taal onevenredig bezwarend zijn. De Raad ziet in vorenstaande aanleiding om artikel 2.7, eerste lid, van het Bi onverbindend te verklaren wegens strijd met het evenredigheidsbeginsel, voor zover in dat artikellid is bepaald dat als voldoende mondelinge en schriftelijk vaardigheid in de Nederlandse taal als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel f, van de wet wordt aangemerkt "mondelinge en schriftelijke vaardigheden in de Nederlandse taal op het niveau B1 van het Europese Raamwerk voor Moderne Vreemde talen".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 237759 tot 238484.