Citaat | Raad van State 22 december 2017
Alinea 434 Raad van State 22 december 2017
Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.
Uit het voorgaande blijkt dat er uiteindelijk in de Tweede Kamer brede steun was om afdeling 3.2 en de daarin gecodificeerde beginselen van toepassing te achten op algemeen verbindende voorschriften. Wat opvalt is dat de regering voor wat betreft de rechterlijke toetsing aan deze beginselen geen principieel verschil ziet tussen beschikkingen en algemeen verbindende voorschriften. Van beide moet de rechter de rechtmatigheid beoordelen, waarbij de intensiteit van die beoordeling niet kan worden herleid tot het onderscheid tussen beschikkingen en andere besluiten, maar afhankelijk is van de gebondenheid aan hogere voorschriften (is het besluit in sterke mate gebonden of laat het hogere recht beleidsvrijheid), het verloop en de voorgeschiedenis ervan (de wijze van totstandkoming) en de juridische positie van de betrokken belangen. Wat betreft de procedure is volgens de minister een mee te wegen aspect of een AMvB aan de voorhangprocedure is onderworpen. Wel zal de rechter - aldus de regering en in andere woorden ook Kalsbeek-Jasperse - de bevoegdheid van de politiek om belangen af te wegen, moeten respecteren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 295587 tot 296723.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788 | shasum -a 256