Citaat | Raad van State 22 december 2017

Alinea 448 Raad van State 22 december 2017

Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.

Wat betreft formele zorgvuldigheid stelt hij dat de regelgever de voor die wetgeving relevante feiten en omstandigheden moet vaststellen en dat in dat verband "in veel gevallen noodzakelijk zal zijn dat belanghebbenden worden gehoord". (zie noot 197) Bruikbare hoorvormen daarbij zijn "het houden van een inspraakronde en het inwinnen van advies van deskundigen en/of organisaties van belanghebbenden". Wel moet hij toegeven dat in de Nederlandse rechtspraak een "ongeschreven verplichting dat belanghebbenden steeds worden gehoord nog niet is aanvaard". Wat betreft motivering komt uit de analyse van Van Male naar voren, dat deze wel een rol speelt bij de beoordeling van bestuurswetgeving door de Nederlandse rechters, zij het vrijwel altijd een onzelfstandige, namelijk in verband met de toetsing van die wetgeving aan hogere wetgeving, het willekeurverbod of aan andere rechtsbeginselen. (zie noot 198) De enkele schending van het motiveringsbeginsel leidt dan ook nooit tot onverbindendheid. Niettemin veronderstelt die rechtspraak daarmee de eis van een kenbare motivering. (zie noot 199) Bovendien stelt het geldend recht reeds eisen aan de draagkracht van de motivering, in die zin dat de gronden van de wetgeving niet strijdig mogen zijn met haar wettelijke grondslag en ander hogere rechtsnormen, de motivering begrijpelijk en niet innerlijk tegenstrijdig moet zijn en voldoende volledig. (zie noot 200)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 306201 tot 307628.