Citaat | Raad van State 22 december 2017

Alinea 497 Raad van State 22 december 2017

Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.

In de tweede plaats wijs ik op het standpunt van Damen die zich in annotaties kritisch heeft uitgelaten over de verdisconteringslijn in rechtspraak van vooral de CRvB (punt 6.10). (zie noot 254) Volgens deze lijn respecteert de Centrale Raad de keuze van de besluitgever om voor bepaalde groepen die getroffen worden door een algemeen verbindend voorschrift geen voorziening te treffen, als die keuze welbewust en gemotiveerd is gemaakt. In dat geval zijn die negatieve gevolgen immer in die keuze verdisconteerd. Deze lijn is - volgens Damen - impliciet ontleend aan het arrest van de Hoge Raad in de Harmonisatiewet-zaak, (zie noot 255) en heeft in die context alles te maken met de toetsing van formele wetgeving en de betekenis van artikel 120 Gw. Reeds daarom zou zij niet moeten worden toegepast bij de exceptieve toetsing van lagere regelgeving. Bovendien stelt deze lijn de regelgever in staat om "een rechtsvrije ruimte te scheppen" door simpelweg te stellen dat hij over deze keuze goed heeft nagedacht. Daarom zou een "terughoudende exceptieve toetsing" van algemeen verbindende voorschriften aan algemene rechtsbeginselen ook mogelijk moeten zijn als sprake is "van wel door de besluitgever verdisconteerde gevolgen en belangen".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 341902 tot 343156.