Citaat | Raad van State 22 december 2017

Alinea 541 Raad van State 22 december 2017

Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.

Deze formulering maakt duidelijk dat de rechter bij de toetsing van een besluit, waarbij het bestuursorgaan ‘beslissingsruimte’ heeft, zijn oordeel niet in de plaats kan stellen van die van het bestuursorgaan, maar dat hij het besluit wel moet toetsen aan het zorgvuldigheidsbeginsel, aan het motiveringsbeginsel en aan het evenredigheidsbeginsel, zoals dat is verwoord in artikel 3:4, tweede lid, Awb. Op de formele toetsing aan de beginselen van motivering en zorgvuldigheid ben ik hiervoor in punt 8.5 al ingegaan. Interessant is dat de Afdeling in deze uitspraak het evenredigheidsbeginsel uitdrukkelijk toepast. Dat is niet zo vreemd is, omdat artikel 3:4, tweede lid, Awb al 24 jaar naar dit beginsel verwijst, maar is toch het signaleren waard, omdat de formulering van artikel 3:4, tweede lid, Awb een wat minder afstandelijke toetsing suggereert dan de Maxis-Praxis-formule, aangezien in die laatste formule een ‘dubbele terughoudendheid’ is ingebouwd (‘zodanig onevenwichtig’, dat ‘niet in redelijkheid’). Deze ‘ontdekking’ van het evenredigheidsbeginsel als rechterlijke toetsingsnorm ziet men ook bij de exceptieve toetsing van algemeen verbindende voorschriften, onder meer in de uitspraak over het Alcoholslotprogramma. (zie noot 274) In zoverre zijn de pleidooien van Hirsch Ballin (punt 7.6) en De Poorter & Capkurt (punt 7.7) al verhoord.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 379477 tot 380869.