Citaat | Raad van State 22 december 2017
Alinea 552 Raad van State 22 december 2017
Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.
Uit het voorgaande blijkt ook dat de toetsing van algemeen verbindende voorschriften aan het formele zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb) iets anders is dan het ‘afvinken’ van formaliteiten. Tenzij afdeling 3.4 Awb (uov) op die vaststelling van toepassing is verklaard, (zie noot 283) gelden voor die vaststelling immers geen harde regels/formaliteiten. Voor het onverbindend achten/buiten toepassing laten van een algemeen verbindend voorschrift wegens strijd met artikel 3:2 Awb is pas reden als de rechter gelet op de gebreken in het onderzoek naar de bij een voorschrift betrokken belangen (zoals die blijken uit de motivering, zie hierna) niet in staat is om te bepalen of het voorschrift inhoudelijk rechtmatig is. Mede om die reden is het ook niet bezwaarlijk dat artikel 6:22 Awb (het passeren van vormfouten) niet van toepassing is bij de exceptieve toetsing van algemeen verbindende voorschriften.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 390001 tot 390927.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788 | shasum -a 256