Citaat | Raad van State 22 december 2017

Alinea 566 Raad van State 22 december 2017

Een alinea uit Raad van State 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557.

Ten slotte ligt er nog de vraag van de gemeente Purmerend of het voor (de intensiteit van) de exceptieve toetsing aan algemene rechtsbeginselen iets uitmaakt dat een deel van deze beginselen sinds 1994 is gecodificeerd in afdeling 3.2 Awb (punt 2.3). Het antwoord op die vraag is: neen. Wel heeft die codificatie betekenis voor de grond waarom een algemeen verbindend voorschrift onverbindend wordt geacht/buiten toepassing wordt gelaten. Als dat gebeurt omdat het voorschrift in strijd is met het formele zorgvuldigheidsbeginsel of met het beginsel van een (evenredige) belangenafweging dan is artikel 3:2, respectievelijk artikel 3:4 Awb geschonden. Bij de andere rechtsbeginselen wordt dit oordeel gebaseerd op strijd met het desbetreffende (ongeschreven) beginsel. Dat geldt ook voor het motiveringsbeginsel omdat afdeling 3.7 niet van toepassing is op algemeen verbindende voorschriften.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7daba5ec86eba0456b39ab0294da699d3e6d259e2c2cd845730e0c735d52788, en de alinea staat in dat document op bytes 404217 tot 405122.