Citaat | Raad van State 1 maart 2017
Alinea 35 Raad van State 1 maart 2017
Een alinea uit Raad van State 1 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:538.
4. [wederpartij A] en [wederpartij B] hebben betoogd dat de minister bij het vaststellen van de betalingsregeling ten onrechte geen rekening heeft gehouden met hun slechte financiële situatie. Zij voeren daartoe aan dat uit de door hen overgelegde gegevens blijkt dat hun financiële situatie onverminderd slecht is. Zo heeft [wederpartij A] aanzienlijke schulden bij verschillende instanties en geniet [wederpartij B] een inkomen dat minder dan de helft bedraagt van de beslagvrije voet. Gelet hierop heeft de minister in het besluit van 10 maart 2015 ten onrechte, onder verwijzing naar het beleid, vastgehouden aan het minimale maandelijkse termijnbedrag van € 100,00. [wederpartij A] en [wederpartij B] voeren verder aan dat de minister bij de vaststelling van de betalingsregeling ten onrechte is uitgegaan van de voor rechtspersonen geldende ondergrens van € 100,00. Zij wijzen er hierbij op dat [uitzendbureau] in 2012 is uitgeschreven uit het handelsregister en zij de boete thans als natuurlijke personen moeten betalen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/513aa7aee95a151a6059eb4984cb3d560a5a0d07deb301791bcaae8b4ddc475a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 513aa7aee95a151a6059eb4984cb3d560a5a0d07deb301791bcaae8b4ddc475a, en de alinea staat in dat document op bytes 13597 tot 14644.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/513aa7aee95a151a6059eb4984cb3d560a5a0d07deb301791bcaae8b4ddc475a | shasum -a 256