Citaat | Raad van State 11 januari 2017

Alinea 22 Raad van State 11 januari 2017

Een alinea uit Raad van State 11 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:57.

1. [appellante] was houder van de [buitenschoolse opvang] (hierna: de bso). Twee inspecteurs in dienst van de toezichthouder GGD Amsterdam (hierna: de GGD) hebben op 31 juli 2013 een incidenteel onderzoek uitgevoerd bij de bso. De bevindingen zijn neergelegd in een rapport van 16 augustus 2013. Op basis van het daaraan voorafgaande ontwerprapport van 31 juli 2013 heeft het dagelijks bestuur, als rechtsvoorganger van het college en hierna ook aan te duiden als het college, bij besluit van 9 augustus 2013 aan [appellante] een aanwijzing gegeven om binnen twee werkdagen na de verzending van dat besluit de daarin genoemde overtredingen op te heffen. Voorts heeft het college in het besluit van 9 augustus 2013 [appellante] op de hoogte gebracht van het voornemen van het college om haar een exploitatieverbod met aanzegging bestuursdwang op te leggen, indien [appellante] de in dat besluit genoemde aanwijzing niet opvolgt. Omdat het college niet is gebleken dat [appellante] volledig heeft voldaan aan de aanwijzing van 9 augustus 2013, heeft het bij besluit van 16 augustus 2013 [appellante] met ingang van 19 augustus 2013 verboden de exploitatie van de bso voort te zetten, zolang zij de in het besluit van 9 augustus 2013 genoemde aanwijzing niet heeft opgevolgd. Daarbij heeft het college aangekondigd bestuursdwang toe te passen indien het exploitatieverbod niet wordt nageleefd. Het college heeft hiervoor redengevend geacht dat de toezichthouder heeft geconstateerd dat [appellante] op verschillende punten niet voldoet aan de voorschriften met betrekking tot de kwaliteitseisen in hoofdstuk 1, afdeling 3, paragrafen 2 en 3 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (hierna: de Wkkp). Op basis daarvan heeft de toezichthouder geoordeeld dat er op dat moment onvoldoende sprake was van verantwoorde kinderopvang. Verzwarende omstandigheden daarbij zijn dat [appellante] haar eigen veiligheids- en gezondheidsbeleid op verschillende onderdelen niet heeft uitgevoerd en op cruciale momenten de verkeerde inschattingen heeft gemaakt. Verder heeft het college van belang geacht dat het [appellante] eerder op 17 april 2012 een aanwijzing heeft gegeven wegens vier geconstateerde overtredingen, dat het op 28 februari 2013 aan [appellante] een last onder dwangsom heeft opgelegd wegens diverse overtredingen waarvan twee van de hoge categorie en dat ook bij de jaarlijkse inspectie in 2013 vier overtredingen van de hoogste categorie zijn geconstateerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21d0ec93b758d37eaadc19269096c6d2008f5b0b8385e62c4f376515c067aff8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21d0ec93b758d37eaadc19269096c6d2008f5b0b8385e62c4f376515c067aff8, en de alinea staat in dat document op bytes 6051 tot 8543.