Citaat | Raad van State 8 maart 2017
Alinea 40 Raad van State 8 maart 2017
Een alinea uit Raad van State 8 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:604.
Er is sprake van een bewerkelijke zaak, als zich een omvangrijk juridisch relevant feitencomplex voordoet, waardoor niet verwacht kan worden dat alle rechtsbijstand binnen de forfaitaire tijdgrens kan worden verleend. Feitelijke complexiteit moet objectief vast te stellen zijn in vergelijking met een soortgelijke zaak. Bijvoorbeeld uitvoerige inhoudelijke correspondentie, een bijzonder of langdurig procesverloop met een groot aantal zittingen of noodzakelijk overleg met een deskundige. Een zaak is niet als bewerkelijk aan te merken als uitsluitend wordt verwezen naar het aantal aan de zaak bestede uren, omvang van het dossier of naar factoren die herleidbaar zijn tot de persoon(lijkheid) van de rechtzoekende of de wederpartij. Bijvoorbeeld maatschappelijke of culturele achtergrond, taalproblemen, gebruik van een tolk, psychische stoornis of een onverzoenlijke houding. Deze factoren maken de zaak wel intensief, maar niet feitelijk complex.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e439772739b41d49f79a1ad715efe0420d3fb05f1a9d4479182b2fefc8e6a061. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e439772739b41d49f79a1ad715efe0420d3fb05f1a9d4479182b2fefc8e6a061, en de alinea staat in dat document op bytes 12225 tot 13190.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e439772739b41d49f79a1ad715efe0420d3fb05f1a9d4479182b2fefc8e6a061 | shasum -a 256