Citaat | Raad van State 29 maart 2017
Alinea 39 Raad van State 29 maart 2017
Een alinea uit Raad van State 29 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:864.
5. Verder betoogt [appellant] dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat artikel 13, eerste lid, aanhef en onder f, van de Marktverordening in dit bijzondere geval niet buiten toepassing moet worden gelaten vanwege kennelijke onredelijkheid die toepassing ervan zou opleveren. Hiertoe voert hij - onbestreden - onder meer aan dat hij al ruim veertig jaar tijd actief is op de Haagse Markt en een goede staat van dienst heeft. [appellant] is zeer afhankelijk van de inkomsten op de Haagse Markt, zodat de gevolgen van de intrekking voor hem zeer ernstig zijn. Verder voert [appellant] aan dat een overtreding op grond van de Wav snel wordt aangenomen, dat hij geen enkele bemoeienis heeft gehad met de handelingen die de vreemdeling in zijn marktkraam heeft verricht en dat sprake is van een samenloop van een forse boete en intrekking van de marktvergunningen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13d792e4910448e631d56f66cbbe9e786370d70319a39ae357b016a620ce7d59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13d792e4910448e631d56f66cbbe9e786370d70319a39ae357b016a620ce7d59, en de alinea staat in dat document op bytes 15742 tot 16628.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/13d792e4910448e631d56f66cbbe9e786370d70319a39ae357b016a620ce7d59 | shasum -a 256