Citaat | Raad van State 29 maart 2017
Alinea 185 Raad van State 29 maart 2017
Een alinea uit Raad van State 29 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:869.
12.1. Met de inmiddels getroffen voorziening is dus niet ten gronde op het door de vreemdelingen ingediende verzoek beslist, zodat er nog een reëel geschil is dat verband houdt met het voorwerp van het hoofdgeding, en er niet een vraagstuk van hypothetische aard wordt voorgelegd. Daarmee zijn de in deze zaak te stellen prejudiciële vragen relevant voor de afdoening van deze zaak (vergelijk onder meer de arresten van het Hof van 21 april 1988, ECLI:EU:C:1988:194, punten 7 tot en met 14, en 13 oktober 2016, Prezes Urzędu Komunikacji Elektronicznej en Petrotel, ECLI:EU:C:2016:769, punt 16 en de daarin aangehaalde rechtspraak).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bed6d93ecb686b9a1c3ebf7355e121bf3abac0e705ede5b2b795528e589b0255. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bed6d93ecb686b9a1c3ebf7355e121bf3abac0e705ede5b2b795528e589b0255, en de alinea staat in dat document op bytes 59043 tot 59696.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bed6d93ecb686b9a1c3ebf7355e121bf3abac0e705ede5b2b795528e589b0255 | shasum -a 256