Citaat | Raad van State 12 april 2017

Alinea 36 Raad van State 12 april 2017

Een alinea uit Raad van State 12 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:994.

Hoewel [appellant] terecht heeft betoogd dat het college ten onrechte niet heeft onderkend dat de standplaatsvergunning een schaarse vergunning is, bestaat geen grond voor het oordeel dat het in strijd met voormelde rechtsnorm heeft gehandeld. Hierbij wordt in aanmerking genomen dat de kramen van [appellant] en [partij] door onafhankelijke deskundigen aan de hand van dezelfde selectieprocedure en daarbij behorende aspecten zijn beoordeeld. Voor zover [appellant] betoogt dat de door het college te volgen procedure voor verlening van de standplaatsvergunning niet transparant was, wordt overwogen dat het college te kennen heeft gegeven dat het hierover geen mededelingen heeft willen doen in verband met de functie van de vader van [partij] als voorzitter van de marktcommissie. Zowel [appellant] als [partij] is ten behoeve van een objectieve beoordeling daarom niet geïnformeerd over de selectieprocedure. Dit brengt hen in een gelijke positie. Gelet op deze omstandigheden heeft het college niet in strijd gehandeld met de transparantieverplichting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab2b71e1d51edc1d8d1484d7a417cdd227973a276bc5c844100f796f7a0fe2b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab2b71e1d51edc1d8d1484d7a417cdd227973a276bc5c844100f796f7a0fe2b8, en de alinea staat in dat document op bytes 17903 tot 18981.