Citaat | Raad van State 4 januari 2018
Onder 1.2. Raad van State 4 januari 2018
Een alinea uit Raad van State 4 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1.
5. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraken van 27 februari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:780 en ECLI:NL:RVS:2015:786, beoogt artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, onderdeel 3, van de Vw 2000 slechts bescherming te bieden in de uitzonderlijke situatie dat de mate van willekeurig geweld in het aan de gang zijnde gewapend conflict dermate hoog is dat zwaarwegende gronden bestaan om aan te nemen dat een burger die terugkeert naar het betrokken land of, in voorkomend geval, naar het betrokken gebied, louter door zijn aanwezigheid daar een reëel risico loopt op de in dat artikelonderdeel bedoelde bedreiging. Zoals de Afdeling eveneens eerder heeft overwogen in de uitspraken van 25 mei 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BI47914, en 22 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW1428, valt deze uitzonderlijke situatie onder de 'most extreme case of general violence', bedoeld in het arrest van het EHRM van 17 juli 2008, nr. 25904/07, NA. tegen het Verenigd Koninkrijk (www.echr.coe.int).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1ea44cf7bfe6404b18e4b0c5496c6f922594818fcb16d793f13c94e6456e0c05. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1ea44cf7bfe6404b18e4b0c5496c6f922594818fcb16d793f13c94e6456e0c05, en de alinea staat in dat document op bytes 12691 tot 13692.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1ea44cf7bfe6404b18e4b0c5496c6f922594818fcb16d793f13c94e6456e0c05 | shasum -a 256