Citaat | Raad van State 4 april 2018
Onder 4.2.2. Raad van State 4 april 2018
Een alinea uit Raad van State 4 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1152.
Het bestuur had dus formeel vrijheid bij de afweging van de belangen die bij de (niet-)toepassing van bestuurlijke sancties zijn betrokken. (zie noot 4) Hoewel de wetgever vooral beoogde bestuursorganen de ruimte te geven om per geval te beoordelen welk handhavingsmiddel het geschiktst is, bleek dat sommige bestuursorganen in de praktijk soms niet handhaafden. De rechtspraak heeft als gevolg daarvan, met name op basis van klachten van derden die last hadden van bestuurlijk ‘gedogen’, de discretionaire ruimte beperkt in jurisprudentie waarvan de strekking doorgaans aldus samengevat wordt dat een ‘beginselplicht tot handhaving’ geldt. U overwoog in 1992 dat:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422, en de alinea staat in dat document op bytes 58410 tot 59130.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422 | shasum -a 256