Citaat | Raad van State 4 april 2018
Onder 4.8.1. Raad van State 4 april 2018
Een alinea uit Raad van State 4 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1152.
Als de overtreder niet binnen zes weken na verbeuring betaalt, volgt dus niet meteen een aanmaning, maar moet het bestuursorgaan eerst, bij beschikking, een beslissing nemen over de invordering van de dwangsom (art. 5:37 Awb). Dit is een declaratoire beschikking in die zin dat dwangsommen van rechtswege verbeurd worden (art. 5:33 Awb) en dus ook zonder die beschikking al opeisbaar worden bij niet-nakoming van de last (zie art. 5:31d(b)). De invorderingsbeschikking strekt er toe om met toepassing van afdeling 4.4.4. van de Awb (aanmaning en dwangbevel) betaling te kunnen afdwingen (zie noot 64) en is constitutief in die zin dat zij (i) de opeisbaarheid omzet in afdwingbaarheid en (ii) bezwaar- en beroepsmogelijkheden schept voor belanghebbenden. Uit art. 5:37 Awb blijkt immers dat het om een besluit ex art. 1:3 Awb gaat, zodat de Awb-voorschriften voor besluiten gelden, tenzij anders bepaald. (zie noot 65) De invorderingsbeschikking is geen executoriale titel. Dat is het dwangbevel pas. Zij is eerder vergelijkbaar met een naheffingsaanslag die een rechtstreeks uit de belastingwet voortvloeiende materiële belastingschuld die echter niet (tijdig) door de belastingplichtige wordt voldaan, formaliseert in een afdwingbare vaststelling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422, en de alinea staat in dat document op bytes 99523 tot 100856.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422 | shasum -a 256