Citaat | Raad van State 4 april 2018

Onder 7.2.22. Raad van State 4 april 2018

Een alinea uit Raad van State 4 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1152.

Tussenconclusie dwangsominvordering 7.2.24. Uit het bovenstaande rijst het beeld op dat bij dwangsom-invordering nog minder ruimte voor matiging of afzien bestaat dan bij kostenverhaal. Dat kan ik niet goed verklaren, nu dwangsominvordering mijns inziens méér om evenredigheidstoetsing vraagt dan kostenverhaal, met name als dwangsom en bestuursdwang elkaar opgevolgd hebben en de kosten van de bestuursdwang al verhaald zijn of kunnen worden. Kostenverhaal is immers vergelijkbaar met schadevergoeding wegens onrechtmatige daad en afzien daarvan is voor het bestuursorgaan dus een schadepost die bezwaarlijk van hem (van de gemeenschap) gevergd kan worden, terwijl dwangsominvordering leidt tot een windfall profit voor het bestuursorgaan omdat afzien daarvan financieel geen nadeel meebrengt (zie noot 219) (als de kosten overigens verhaald kunnen worden).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422, en de alinea staat in dat document op bytes 237289 tot 238272.