Citaat | Raad van State 4 april 2018

Onder 7.4.10. Raad van State 4 april 2018

Een alinea uit Raad van State 4 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1152.

Zoals boven (onderdelen 6. en 7.3.) bleek, kunnen echter in uitzonderlijke omstandigheden art. 3:4 Awb en art. 1 Eerste protocol EVRM en, meer in het algemeen, het evenredigheidsbeginsel in de weg staan aan zowel dwangsominvordering als kostenverhaal, nl. als de overtreder in zijn bestaansminimum bedreigd wordt, nooit meer van zijn schulden dreigt af te geraken of andere zwaarwegende belangen, zoals werkgelegenheid, invordering disproportioneel maken (individual and excessive burden). Dit zal zich, zoals betoogd, eerder bij dwangsominvordering dan bij kostenverhaal kunnen voordoen, met name als de overtreding niet ernstig was en/of de verwijtbaarheid gering was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bfcfd2da913aaf85103c9962c880e551ea3cbd632a44a8cb0cf5d06fbdae422, en de alinea staat in dat document op bytes 269673 tot 270356.