Citaat | Raad van State 11 april 2018

Alinea 83 Raad van State 11 april 2018

Een alinea uit Raad van State 11 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1210.

De rechtbank heeft eveneens terecht geoordeeld dat, anders dan [appellant] stelt, de invorderingsbesluiten niet prematuur en daardoor onbevoegd zijn genomen. Zij heeft terecht overwogen dat de artikelen 5:33 en 5:37 van de Awb het college er niet toe verplichtten eerst de in artikel 5:33 genoemde betalingstermijn van zes weken af te wachten, alvorens bij besluit tot invordering van de verbeurde dwangsommen kon worden overgegaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb35e3f41d2426e795ebd18423b721e22c5b75465e83da79c7ff00bba5fbfc1e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb35e3f41d2426e795ebd18423b721e22c5b75465e83da79c7ff00bba5fbfc1e, en de alinea staat in dat document op bytes 33498 tot 33950.