Citaat | Raad van State 3 oktober 2018

Alinea 32 Raad van State 3 oktober 2018

Een alinea uit Raad van State 3 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3220.

6. Volgens [appellant] heeft de rechtbank miskend dat de gemeenteraad op grond van artikel 21 van de Huisvestingswet 2014 een categorie van gebouwen moet aanwijzen die is gelegen in een door de Huisvestingsverordening aangewezen wijk. Omdat deze bepaling op twee niveaus tot een keuze verplicht, is het oordeel van de rechtbank dat de gemeenteraad zonder nadere motivering bevoegd is om alle woonruimte in de gehele gemeente Amsterdam aan te wijzen als vergunningplichtige woonruimte, onbegrijpelijk. Daarbij heeft de rechtbank volgens [appellant] bovendien miskend dat het bij de aanwijzing moet gaan om schaarse goedkope woonruimte. De aanwijzing van alle woonruimte, zo voert [appellant] aan, draagt niet bij aan het bestrijden van de onevenwichtige en onrechtvaardige effecten van schaarse goedkope woonruimte. Omdat de aanwijzing van alle woonruimte in Amsterdam niet noodzakelijk is en bovendien ongeschikt is voor het bestrijden van de nadelige effecten van schaarse goedkope woonruimte, heeft de gemeenteraad in strijd met de letter en de geest van de Huisvestingswet 2014 geen prijsgrens getrokken om te bepalen wat onder goedkope woonruimte moet worden verstaan. Hij heeft eenvoudigweg alle zelfstandige woonruimte in de gemeente Amsterdam aangewezen, zonder daarbij een afweging te maken tussen het algemeen belang enerzijds en de beperking die deze aanwijzing met zich brengt anderzijds, aldus [appellant].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d8bfa04189d7e506fb7407c6cd6e3c1e1403dc2ad5153ee1e77fc0de5250c84e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d8bfa04189d7e506fb7407c6cd6e3c1e1403dc2ad5153ee1e77fc0de5250c84e, en de alinea staat in dat document op bytes 11124 tot 12561.