Citaat | Raad van State 10 oktober 2018

Alinea 47 Raad van State 10 oktober 2018

Een alinea uit Raad van State 10 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3296.

7.1. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (bijvoorbeeld in de uitspraak van 29 juli 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BJ4093), vloeit uit het bepaalde in artikel 16, eerste lid, gelezen in samenhang met het vierde en vijfde lid, van de Awir voort dat aan de verlening van een voorschot niet het gerechtvaardigde vertrouwen kan worden ontleend dat een met dat voorschot overeenkomende aanspraak op toeslag bestaat. Het voorschot wordt verleend tot het vermoedelijke bedrag van de tegemoetkoming en die voorschotverlening kan worden herzien. Daargelaten of de Belastingdienst/Toeslagen reeds in 2016 op de hoogte was van het feit dat de echtgenoot van [appellante] in 2015 in Costa Rica woonde, heeft [appellante] hieraan niet het vertrouwen mogen ontlenen dat het aan haar verleende voorschot juist was en de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten niet zou terugvorderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9ac4bdc91593acee28ce28baa8f55f9038c492c504f90259f73489fd71506ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9ac4bdc91593acee28ce28baa8f55f9038c492c504f90259f73489fd71506ae, en de alinea staat in dat document op bytes 21052 tot 21937.