Citaat | Raad van State 24 oktober 2018

Alinea 44 Raad van State 24 oktober 2018

Een alinea uit Raad van State 24 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3322.

Zoals overwogen onder 5, heeft een intrekking van een toevoeging tot gevolg dat de rechtsbijstandverlener de door hem gemaakte kosten volgens zijn gebruikelijke uurtarief kan declareren bij de rechtzoekende. Indien de ingetrokken toevoeging weer herleeft, kan de rechtsbijstandverlener slechts aanspraak maken op een forfaitaire vergoeding op basis van de toevoeging. Het financiële belang van de rechtsbijstandverlener is daarmee tegengesteld aan dat van de rechtzoekende. Dat de rechtsbijstandverlener alle werkzaamheden voor de rechtzoekende onder de toevoeging heeft verricht, doet aan dat eigen, tegengestelde financiële belang niet af (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 2 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1462). Gelet hierop is de Afdeling, anders dan in haar uitspraak van 18 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:87, van oordeel dat het belang van een rechtsbijstandverlener bij een besluit dat tot gevolg heeft dat de oorspronkelijke toevoeging herleeft niet een afgeleid belang is, maar daarbij rechtstreeks is betrokken, ook al zijn alle werkzaamheden van de rechtsbijstandverlener onder die toevoeging verricht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8aeff9badeb3d955bd8b9f6cf7234a42a0c50b3ce91698873430acacc576075e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8aeff9badeb3d955bd8b9f6cf7234a42a0c50b3ce91698873430acacc576075e, en de alinea staat in dat document op bytes 13533 tot 14674.