Citaat | Raad van State 21 november 2018

Alinea 56 Raad van State 21 november 2018

Een alinea uit Raad van State 21 november 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3735.

5.10. De staatssecretaris moet, mede in het licht van zijn integrale geloofwaardigheidsbeoordeling, bij de voorbereiding van zijn besluit de nodige kennis over de relevante feiten vergaren (uitspraak van de Afdeling van 18 november 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3652). Dit betekent dat hij een vreemdeling in de gelegenheid moet stellen om haar asielmotieven naar voren te brengen en dat hij haar daarover moet horen (zie in die zin ook voormeld arrest M. tegen Ierland en voormelde uitspraak van 9 april 2015 en de uitspraak van de Afdeling van 15 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1630, onder 2.8). Hij moet haar verder in de gelegenheid stellen een zienswijze in te dienen als hij het voornemen heeft de aanvraag af te wijzen (zie ook het arrest van het Hof van Justitie van 26 juli 2017, Moussa Sacko, ECLI:EU:C:2017:591, punt 34 en 35).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d84ea1793e469cea3f540057ae969a1603ef6d24eda6dbc74adfe8ae0542d029. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d84ea1793e469cea3f540057ae969a1603ef6d24eda6dbc74adfe8ae0542d029, en de alinea staat in dat document op bytes 25111 tot 25958.