Citaat | Raad van State 7 februari 2018

Alinea 46 Raad van State 7 februari 2018

Een alinea uit Raad van State 7 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:428.

8.1. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (bijvoorbeeld in de uitspraak van 27 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2080, en de uitspraak van 10 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:196) kan onttrekking in de zin van de Huisvestingswet slechts plaatsvinden, indien het desbetreffende gebouw op enig moment is bestemd voor permanente bewoning. Of dat het geval is moet worden beoordeeld aan de hand van objectieve maatstaven, waarbij het feitelijk gebruik niet doorslaggevend is. Ter zitting heeft de gemachtigde van [appellante] en [bedrijf B] verklaard dat op zichzelf niet wordt bestreden dat de woningen op de genoemde locaties allemaal als ‘woning’ in de gemeentelijke registratie staan vermeld, maar dat het in de optiek van [appellante] en [bedrijf B] erom gaat dat eerst als iemand zich op een bepaald adres heeft ingeschreven, het desbetreffende pand als woning moet worden aangemerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9f6701ece357b118880ed2252bad68a87d9cfad7268739c78602bf626bf23077. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9f6701ece357b118880ed2252bad68a87d9cfad7268739c78602bf626bf23077, en de alinea staat in dat document op bytes 16188 tot 17090.