Citaat | Raad van State 14 februari 2018
Alinea 27 Raad van State 14 februari 2018
Een alinea uit Raad van State 14 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:518.
3.1. [appellant] betoogt in zijn brief van 30 oktober 2017 dat hij nog belang heeft bij een uitspraak op zijn hoger beroep. Zijn belang is er allereerst in gelegen dat hij proceskosten heeft moeten maken in bezwaar, in beroep en in hoger beroep. Daarnaast wil hij in de toekomst nog binnen het Schipholgebied werken. Hij verwacht dat een toekomstige aanvraag op grond van dezelfde informatie als thans aan de orde, namelijk de bovengenoemde veroordeling van zijn broer, zal worden afgewezen. Deze situatie verschilt van die in de uitspraak van 14 mei 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1738, ten aanzien van een gevraagde verklaring omtrent het gedrag (hierna: vog) voor een stage, omdat een nieuwe aanvraag voor een vog moet worden beoordeeld aan de hand van de omstandigheden van dat moment en die functie. Een nieuwe aanvraag voor een vgb zal op vergelijkbare wijze worden beoordeeld als nu door de minister is gedaan en tijdsverloop speelt daarbij geen rol, aldus [appellant].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661, en de alinea staat in dat document op bytes 8463 tot 9450.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661 | shasum -a 256