Citaat | Raad van State 14 februari 2018

Alinea 33 Raad van State 14 februari 2018

Een alinea uit Raad van State 14 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:518.

5. [appellant] kan zich niet met het oordeel van de rechtbank verenigen. Hij wijst erop dat de minister bij het besluit op bezwaar is afgeweken van het advies van de bezwarencommissie. De bezwarencommissie achtte het besluit van 29 mei 2015 onvoldoende gemotiveerd, omdat het enkele gegeven dat [appellant] een broer heeft die is veroordeeld voor misdrijven met een terroristisch oogmerk, op zichzelf onvoldoende is. De aanvullende informatie die de minister tijdens een besloten hoorzitting mondeling heeft verstrekt, diende volgens de bezwarencommissie ook in schriftelijke vorm beschikbaar te komen. [appellant] voert aan dat eerst tijdens de zitting bij de rechtbank is gebleken dat de minister die stukken - buiten de bezwarencommissie om - aan het dossier heeft toegevoegd. Niet alleen blijkt daarvan niets in het besluit op het bezwaar, maar daarmee zijn de verdedigingsmogelijkheden van [appellant] ten onrechte verder ingeperkt. Ook is de tweede reden van weigering niet in het besluit vermeld. De stelling van de minister dat [appellant] zelf, aan de hand van zijn persoonlijke gedragingen en omstandigheden, uit de "Leidraad persoonlijke gedragingen en omstandigheden" (hierna: de Leidraad) kan afleiden welke criteria en indicatoren in zijn geval van toepassing zijn, kan niet worden gevolgd. Niet alleen wordt aldus de bewijslast omgekeerd, maar is bovendien de essentie van de informatie waarop de weigering is gebaseerd niet op [appellant] toegespitst. [appellant] betoogt dat er voldoende specifieke informatie beschikbaar moet komen om aan het verdedigingsbeginsel en het recht op hoor- en wederhoor te voldoen. Deze informatie ontbreekt in deze zaak. Hem is ten onrechte geen verdere informatie verschaft over welk gedrag van [appellant] maakt dat hem de vgb mag worden geweigerd. Hij wijst in dit verband op het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof) van 4 juni 2013, C-300/11, ECLI:EU:C:2013:363, ZZ, en het arrest van het Hof van 23 oktober 2014, C-437/13, ECLI:EU:C:2014:2318, Unitrading.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661, en de alinea staat in dat document op bytes 12116 tot 14177.