Citaat | Raad van State 14 februari 2018
Alinea 48 Raad van State 14 februari 2018
Een alinea uit Raad van State 14 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:518.
9. [appellant] wijst er voorts op dat er ten onrechte aan voorbij is gegaan dat zijn arbeidsmogelijkheden ten gevolge van de weigering van de vgb zeer beperkt zijn, nu hij nergens in het Schipholgebied mag werken. Hij voert aan dat de minister niet heeft onderkend dat het besluit tot weigering van de vgb aldus in strijd is met zijn recht op bescherming van het privéleven als bedoeld in artikel 8 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM), omdat de grondslag voor de inmenging waarop het besluit is gebaseerd, niet bij wet is voorzien. De wettelijke basis moet toegankelijk en voorzienbaar zijn. [appellant] wijst in dit verband op het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: EHRM) van 6 december 2007, ECLI:CE:ECHR:2007:1206JUD004208605, Liu tegen Rusland. Hij betoogt dat de weigering van de vgb voor hem geenszins voorzienbaar is, nu artikel 8, gelezen in samenhang met artikel 7, tweede lid, aanhef en onder d, van de Wvo zeer ruim is geformuleerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661, en de alinea staat in dat document op bytes 24161 tot 25221.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0d68eebfaecd6c0672066d1dbff4bcfea5e1c3fb499991a099e2084d833e2661 | shasum -a 256