Citaat | Raad van State 10 januari 2018

Alinea 26 Raad van State 10 januari 2018

Een alinea uit Raad van State 10 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:56.

3. [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat zij niet heeft aangetoond alle kosten van kinderopvang over 2010 en 2011 te hebben betaald. Zij voert daartoe aan dat een deel van de kosten van kinderopvang door haar ex-partner is betaald maar dat die niet heeft gereageerd op haar verzoeken om de daarop betrekking hebbende stukken te overleggen, waardoor zij in bewijsnood verkeert. Zij voert voorts aan dat de rechtbank ten onrechte de betalingen over 2010 buiten beschouwing heeft gelaten waarvan uit de omschrijving niet duidelijk blijkt dat het om betaling van de kosten van kinderopvang gaat. Op de Belastingdienst/Toeslagen rust de bewijslast om aan te tonen dat deze betalingen niet voor kinderopvang zijn gedaan. Doordat de dienst haar niet heeft geïnformeerd over de wijze waarop de betalingen dienen te geschieden, kunnen deze vormvrij worden gedaan, aldus [appellante].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/213cdf4177a9f64d51640bd6e4e397fef2c0dfa6893dec4a8a04d52b88037b27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 213cdf4177a9f64d51640bd6e4e397fef2c0dfa6893dec4a8a04d52b88037b27, en de alinea staat in dat document op bytes 7655 tot 8583.