Citaat | Raad van State 21 februari 2018
Alinea 48 Raad van State 21 februari 2018
Een alinea uit Raad van State 21 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:590.
10.2. Zoals volgt uit rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (zie bijvoorbeeld EHRM, Perry t. het Verenigd Koninkrijk, arrest van 17 juli 2003, § 40, nr. ECLI:CE:ECHR:2003:0717JUD006373700), dient normaal gebruik van beveiligingscamera’s op straat een legitiem en voorzienbaar doel en leidt dit niet zonder meer tot een inmenging in de uitoefening van het recht op privéleven. Dat met de plaatsing van deze beveiligingscamera’s verkregen persoonsgegevens in de vorm van kentekens van voertuigen worden verwerkt, leidt naar het oordeel van de Afdeling evenmin zonder meer tot zo’n inmenging. Om een dergelijke inmenging in de uitoefening van het recht op het privéleven aan te nemen is een aantal uit de rechtspraak van het EHRM af te leiden (zie bijvoorbeeld EHRM, Uzun t. Duitsland, arrest van 22 september 2010, ECLI:CE:ECHR:2010:0902JUD003562305), factoren van belang. In de eerste plaats is in dit kader een belangrijke factor de redelijke verwachting van een persoon dat zijn privéleven in de publieke ruimte in het geding is. Verder is van belang in hoeverre de gegevens een bepaalde persoon betreffen, in hoeverre de gegevens worden verwerkt en gebruikt en of ze worden gepubliceerd op een wijze die verder gaat dan wat gewoonlijk voorzienbaar is. Ook de duur van de opslag van de persoonsgegevens is in deze context van belang.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bdf2db39676a07be18124f7ce151623cb7480ac2654b082231b6d80d111424f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bdf2db39676a07be18124f7ce151623cb7480ac2654b082231b6d80d111424f, en de alinea staat in dat document op bytes 13779 tot 15165.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8bdf2db39676a07be18124f7ce151623cb7480ac2654b082231b6d80d111424f | shasum -a 256