Citaat | Raad van State 21 februari 2018

Alinea 712 Raad van State 21 februari 2018

Een alinea uit Raad van State 21 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:616.

Platform Storm en anderen stellen voorts dat de ministers bij het onderzoek naar de gevolgen voor de externe veiligheid geen gebruik hebben mogen maken van het Handboek Risicozonering Windturbines, omdat er onduidelijkheid is over de daarin gehanteerde methodiek en de daarin opgenomen gegevens verouderd zijn. De gevolgen voor de externe veiligheid zijn daarom volgens Platform Storm en anderen onderschat. Zij verwijzen in dit verband naar de notitie van NRG. De in het Handboek gehanteerde methodiek is volgens NRG onduidelijk wat betreft het toepassen van het toerental en de ligging van het zwaartepunt van het blad. Voorts is in het Handboek geen rekening gehouden met de bladgrootte bij het berekenen van de trefkans van een bovengronds object, zogeheten convolutie, aldus NRG. NRG stelt dat moet worden uitgegaan van een werpafstand van 148-149 m voor het nominaal toerental en van een werpafstand van 370-380 m voor overtoeren bij de windturbines met een ashoogte van 119 en 139 m, die in het MER in beschouwing zijn genomen. Platform Storm en anderen voeren verder aan dat in het Handboek wordt uitgegaan van een veel lagere vermogensklasse van de windturbines dan het inpassingsplan mogelijk maakt. Voorts is volgens hen ten onrechte enkel het risico op bladbreuk betrokken. Zij stellen dat ook de tipbreuk, dat is het afbreken van een deel van het blad, moet worden bezien. Zij betwisten verder dat het systeem van bladpitching de werpafstand verkleint. Platform Storm en anderen brengen voorts naar voren dat in andere landen ruimere afstanden worden gehanteerd dan de effectafstanden die de ministers hebben berekend. Zij wijzen er verder op dat in de provinciale verordening van de provincie Noord-Holland een afstand van 600 m wordt toegepast en, evenals WindNEE en anderen, dat volgens het onderhoudsboek voor monteurs van turbines niet binnen een straal van 400 m mag worden verbleven. WindNEE en anderen brengen naar voren dat zich tuinen binnen deze afstand bevinden. Platform Storm en anderen stellen dat uit de aantallen incidenten die zich wereldwijd voordoen volgt dat de kans op defecten ten gevolge van bladfalen 1 op 61 turbines is. Die kans wordt volgens hen in de loop van de tijd groter door slijtage van de windturbines. Zij stellen dat zandstuifwinden tot nog grotere slijtage kunnen leiden. Zij wijzen erop dat zich ook in Nederland incidenten voordoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4147d77a3cb885c89f32384f24a21ab8f1c2026607a456f84c9187bc7e239c96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4147d77a3cb885c89f32384f24a21ab8f1c2026607a456f84c9187bc7e239c96, en de alinea staat in dat document op bytes 346401 tot 348804.