Citaat | Raad van State 16 maart 2018
Alinea 44 Raad van State 16 maart 2018
Een alinea uit Raad van State 16 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:907.
2.3. Anders dan de rechtbank heeft overwogen, kunnen de kosten van de toepassing van bestuursdwang niet op [appellant sub 1] en anderen worden verhaald. In de besluiten van 16 maart 2015 en 23 maart 2015 heeft het college uitdrukkelijk alleen MSZ als overtreder aangemerkt en is opgenomen dat de kosten op de overtreder zullen worden verhaald. Dat in de besluiten is vermeld wie aandeelhouders zijn van MSZ en van [appellante sub 3] biedt geen grond voor het oordeel dat deze (rechts)personen als overtreder(s) zijn aangemerkt. Daaraan doet de stelling van het college dat geen onderscheid kan worden gemaakt tussen [appellant sub 1] als directeur van MSZ aan wie de bedoelde besluiten zijn geadresseerd enerzijds en [appellant sub 1] als privépersoon en bestuurder van [appellante sub 2] en [appellante sub 3] anderzijds, niet af. De in de besluiten van 16 maart 2015 en 23 maart 2015 opgenomen tekst kan niet anders worden begrepen dan dat de kosten van bestuursdwang louter ten laste van MSZ zullen worden gebracht, omdat zij als overtreder is aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b44e2a92a97d26dc5606379d5588689c4cac1ab028283ead3a9f91a93fe8da7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b44e2a92a97d26dc5606379d5588689c4cac1ab028283ead3a9f91a93fe8da7d, en de alinea staat in dat document op bytes 12815 tot 13890.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b44e2a92a97d26dc5606379d5588689c4cac1ab028283ead3a9f91a93fe8da7d | shasum -a 256