Citaat | Raad van State 21 maart 2018
Alinea 25 Raad van State 21 maart 2018
Een alinea uit Raad van State 21 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:962.
Echter, al in de bezwaarfase is komen vast te staan dat het besluit van 28 januari 2016 niet op juiste feiten is gebaseerd, omdat toen duidelijk was dat [appellant sub A] en [appellant sub B] geen eigenaar of verhuurder van de recreatiewoning waren. Het college heeft dit ter zitting bevestigd. In de bezwaarfase stond reeds vast dat de recreatiewoning eigendom was van [dochter], de dochter van [appellant sub A] en [appellant sub B], die in de recreatiewoning verbleef en dat [appellant sub A] en [appellant sub B] niet als overtreders aangemerkt konden worden. Het college was namelijk zonder nader onderzoek te doen uitgegaan van de onjuist gebleken mededeling van [dochter] dat haar ouders eigenaren waren. Aan [dochter] is ook een last onder dwangsom van € 20.000,00 opgelegd, waarvan de invordering bij uitspraak van de Afdeling van heden, ECLI:NL:RVS:2018:877, in stand is gelaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3dd5ca3c0764dfbfbf94e23412d0593b4812859be74baee04f6cf628d59aed81. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3dd5ca3c0764dfbfbf94e23412d0593b4812859be74baee04f6cf628d59aed81, en de alinea staat in dat document op bytes 7931 tot 8835.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3dd5ca3c0764dfbfbf94e23412d0593b4812859be74baee04f6cf628d59aed81 | shasum -a 256