Citaat | Raad van State 3 april 2019

Alinea 63 Raad van State 3 april 2019

Een alinea uit Raad van State 3 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1060.

9. Uit de rechtsoverwegingen hiervoor blijkt dat de afwijkingen van het algemene bestuursprocesrecht die het hoger beroep in vreemdelingenzaken kent, samenhangen met de keuze van de wetgever om het instellen van hoger beroep mogelijk te maken in vrijwel alle vreemdelingenzaken. De inschatting was dat mogelijke rechtsmiddelen in bijna alle gevallen ook daadwerkelijk zouden worden aangewend. Dat de wetgever spreekt over een beperkte vorm van hoger beroep, moet in deze context worden bezien. De beperking van het hoger beroep is niet gelegen in het type zaak dat in hoger beroep kan worden voorgelegd, maar in de vormgeving van het hoger beroep. Daarvan vormen het grievenstelsel, de mogelijkheid een zaak te beslissen zonder zitting én zonder verzetmogelijkheid en de mogelijkheid uitspraken te doen met een verkorte motivering de belangrijkste onderdelen. Die geven de Afdeling de mogelijkheid om ook aanzienlijke aantallen hoger beroepen snel en efficiënt te behandelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16f3ccbf17be4e1129b21e1f4bf15f58dc39f52be9ecf48cca3d904761849887. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16f3ccbf17be4e1129b21e1f4bf15f58dc39f52be9ecf48cca3d904761849887, en de alinea staat in dat document op bytes 28701 tot 29697.