Citaat | Raad van State 3 april 2019
Alinea 38 Raad van State 3 april 2019
Een alinea uit Raad van State 3 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1065.
3.2. [appellant] heeft het college tijdens de bezwaarprocedure verzocht om vergoeding van de door hem gemaakte kosten in verband met de behandeling van het bezwaar. Met het belang bij vergoeding van de kosten die de belanghebbende in verband met de behandeling van het bezwaar redelijkerwijs heeft moeten maken, is in beginsel het procesbelang gegeven (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 14 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:518). [appellant] werd in de bezwaarfase echter niet bijgestaan door een beroepsmatige rechtsbijstandsverlener. Ook anderszins is niet gebleken dat hij kosten heeft gemaakt als bedoeld in artikel 1 van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Gelet daarop is in vergoeding van de door [appellant] gemaakte kosten in bezwaar geen procesbelang gelegen. De Afdeling ziet in hetgeen [appellant] hierover aanvoert dan ook geen aanleiding voor vernietiging van de aangevallen uitspraak.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/94ffeca3f94a85dba88cad2ab680f7ee8f380a3a4973ebead5f3ed7bc7e6aeb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 94ffeca3f94a85dba88cad2ab680f7ee8f380a3a4973ebead5f3ed7bc7e6aeb6, en de alinea staat in dat document op bytes 10708 tot 11637.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/94ffeca3f94a85dba88cad2ab680f7ee8f380a3a4973ebead5f3ed7bc7e6aeb6 | shasum -a 256