Citaat | Raad van State 3 juli 2019

Alinea 38 Raad van State 3 juli 2019

Een alinea uit Raad van State 3 juli 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2073.

94 Hoewel aldus uit artikel 46, lid 3, van richtlijn 2013/32 volgt dat de lidstaten verplicht zijn hun nationale recht zodanig in te richten dat de behandeling van de bedoelde rechtsmiddelen een onderzoek, door de rechter, omvat van alle elementen feitelijk en rechtens aan de hand waarvan hij een geactualiseerde beoordeling van het specifieke geval kan maken (arrest van 25 juli 2018, Alheto, C-585/16, EU:C:2018:584, punt 110), volgt daaruit echter niet dat de persoon die om internationale bescherming verzoekt, zonder een aanvullend onderzoek door de beslissingsautoriteit te ondergaan, het voorwerp van zijn verzoek, en aldus de afbakening van het concrete geval, kan wijzigen door tijdens de beroepsprocedure een grond voor internationale bescherming aan te voeren die weliswaar betrekking heeft op gebeurtenissen of bedreigingen die zich zouden hebben voorgedaan vóór de vaststelling van de beslissing van die autoriteit of zelfs vóór de indiening van het verzoek, maar tegenover die autoriteit was verzwegen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e97e2fdd77b1e6fa7736769fdcd5f46d3366f3638850d30e12b49d8c1433ee3f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e97e2fdd77b1e6fa7736769fdcd5f46d3366f3638850d30e12b49d8c1433ee3f, en de alinea staat in dat document op bytes 12940 tot 13974.