Citaat | Raad van State 3 juli 2019

Alinea 57 Raad van State 3 juli 2019

Een alinea uit Raad van State 3 juli 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2073.

5.2.3. Tot slot maakt ook artikel 40, eerste lid, van de Procedurerichtlijn, de bepaling waaronder het Hof een voor het eerst in beroep aangevoerd asielmotief kwalificeert, geen onderscheid tussen achtergehouden en nieuwe asielmotieven. Dat het Hof in het arrest de bepaling gebruikt om een achtergehouden asielmotief te duiden, wordt verklaard door de omstandigheden van de zaak die aan het arrest ten grondslag ligt. Geen van de andere bepalingen van de Procedurerichtlijn ziet op voor het eerst in beroep aangevoerde asielmotieven. Als een nieuw asielmotief niet onder artikel 40, eerste lid, van de richtlijn zou vallen, zou het aanvoeren daarvan dus altijd tot een nieuwe procedure leiden. Dit verdraagt zich echter niet met de strekking van het arrest dat artikel 46, derde lid, van de Procedurerichtlijn lidstaten nu juist verplicht hun nationale recht zo in te richten dat in beroep een zo geactualiseerd mogelijke beoordeling wordt gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e97e2fdd77b1e6fa7736769fdcd5f46d3366f3638850d30e12b49d8c1433ee3f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e97e2fdd77b1e6fa7736769fdcd5f46d3366f3638850d30e12b49d8c1433ee3f, en de alinea staat in dat document op bytes 24689 tot 25657.