Citaat | Raad van State 28 augustus 2019
Alinea 31 Raad van State 28 augustus 2019
Een alinea uit Raad van State 28 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2912.
In dat verband voert hij aan dat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de aangetroffen handelshoeveelheid harddrugs niet als buitengewoon groot kan worden aangemerkt. Deze hoeveelheid overschrijdt namelijk ruimschoots de maximale hoeveelheid van 0,5 gram dan wel 1 pil voor eigen gebruik. Ook voert hij aan dat de rechtbank er ten onrechte aan voorbij is gegaan dat de harddrugs in de woning op verschillende plekken zijn aangetroffen. Mede om die reden betwist hij dat [wederpartij] niet op de hoogte was van de aanwezigheid van de harddrugs in de woning. Verder voert de burgemeester aan dat gelet op de tekst van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet het voor het ontstaan van de hierin neergelegde bevoegdheid niet noodzakelijk is dat hij aannemelijk maakt dat de aanwezigheid van harddrugs overlast heeft veroorzaakt. Volgens hem veronderstelt de aanwezigheid van harddrugs die bestemd zijn voor verkoop, aflevering of verstrekking dat dit een ordeverstorend effect heeft. Daartoe verwijst hij onder meer naar de uitspraak van de Afdeling van 30 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3167.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40db42ddad28fbe0b4765ec2ff13e40b8e59ebaf648542def81afa13f55f6770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40db42ddad28fbe0b4765ec2ff13e40b8e59ebaf648542def81afa13f55f6770, en de alinea staat in dat document op bytes 11473 tot 12596.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/40db42ddad28fbe0b4765ec2ff13e40b8e59ebaf648542def81afa13f55f6770 | shasum -a 256