Citaat | Raad van State 13 februari 2019
Alinea 49 Raad van State 13 februari 2019
Een alinea uit Raad van State 13 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:296.
11.1. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in haar uitspraak van 24 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:168, is bij de beoordeling of een appellant belanghebbende is bij een ontheffing die op grond van de Wnb (voorheen: Flora- en faunawet) is verleend de ruimtelijke uitstraling van het project dat mede door de ontheffing mogelijk wordt gemaakt - in dit geval een windpark - niet van belang. Bepalend is of de handeling waarvoor de Wnb-ontheffing is verleend ruimtelijke uitstraling heeft op de woon- en leefomgeving van appellanten. De handeling waarvoor de ontheffing is verleend is het doden van diersoorten (in het bijzonder vogel- en vleermuissoorten) door het in bedrijf zijn van de windturbines. Een ontheffing die op grond van hoofdstuk 3 van de Wnb is verleend, gaat niet over de bescherming van gebieden, maar over de bescherming van soorten. Een Wnb-ontheffing heeft dan ook een beperkte ruimtelijke uitstraling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8024edf700e87bc79fb19a2e40c9dd70faace2416297701b650d73f685d15ee8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8024edf700e87bc79fb19a2e40c9dd70faace2416297701b650d73f685d15ee8, en de alinea staat in dat document op bytes 16836 tot 17778.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8024edf700e87bc79fb19a2e40c9dd70faace2416297701b650d73f685d15ee8 | shasum -a 256