Citaat | Raad van State 23 oktober 2019
Alinea 53 Raad van State 23 oktober 2019
Een alinea uit Raad van State 23 oktober 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3535.
8.5. Verder kan in gevallen waarin de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten lopende het toeslagjaar heeft stopgezet, terwijl de opvang wel doorliep en de dienst bij de stopzetting van het voorschot niet de vereiste zorgvuldigheid heeft betracht en in strijd met de voor opschorting geldende regels heeft gehandeld, een uitzondering worden gemaakt op de regel dat de kosten voor het hele jaar moeten zijn voldaan. Dit leidt er in zo'n geval toe dat over de periode vóór de stopzetting en over de periode ná de stopzetting afzonderlijk moet worden bezien of is voldaan aan de voorwaarden om voor kinderopvangtoeslag in aanmerking te komen (uitspraak van 8 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:589). Om in zo'n geval ook aanspraak te hebben over het gedeelte van het berekeningsjaar na het tijdstip van de stopzetting, is het voldoende dat is aangetoond dat tijdig uitstel van betaling is verkregen, dat sprake is van betalingsonmacht en dat het bedrag dat voor eigen rekening komt wel tijdig is betaald (uitspraak van 29 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:806).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd0c0c3ef4262ece22d2bb6a044f4c7b773bd4582b79160ade6387e8356893b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd0c0c3ef4262ece22d2bb6a044f4c7b773bd4582b79160ade6387e8356893b2, en de alinea staat in dat document op bytes 16162 tot 17233.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd0c0c3ef4262ece22d2bb6a044f4c7b773bd4582b79160ade6387e8356893b2 | shasum -a 256