Citaat | Raad van State 23 oktober 2019
Alinea 30 Raad van State 23 oktober 2019
Een alinea uit Raad van State 23 oktober 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3536.
5. [ appellante] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de Belastingdienst/Toeslagen eerst in beroep het standpunt heeft ingenomen dat bij zaken van vóór 1 januari 2014 een strikter beleid wordt gevoerd dan bij zaken die dateren van na de invoering van artikel 33, derde lid, van de Awir. [appellante] stelt dat dit beleid niet schriftelijk is vastgelegd. Zij trekt het bestaan hiervan in twijfel en vraagt zich af of het beleid in het leven is geroepen om in dit geval niet tot aansprakelijkstelling over te hoeven gaan. Voor zover dit beleid bestaat, is het volgens [appellante] in strijd met de bedoeling van de wetgever en het gelijkheidsbeginsel, nu de wetgever geen overgangsregeling heeft getroffen en ook overigens geen grond bestaat om gevallen van vóór en na de invoering van de bepaling verschillend te behandelen. Anders dan de rechtbank heeft geoordeeld, is de aansprakelijkstelling niet alleen mogelijk bij identiteitsfraude, maar ook in andere gevallen waarin de voorschotten zijn overgemaakt op de bankrekening van een derde, aldus [appellante].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2f32b8de3886636798a79cba957cd38d22ca575063354476a6516892495c92c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2f32b8de3886636798a79cba957cd38d22ca575063354476a6516892495c92c, en de alinea staat in dat document op bytes 10673 tot 11758.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2f32b8de3886636798a79cba957cd38d22ca575063354476a6516892495c92c | shasum -a 256