Citaat | Raad van State 6 maart 2019
Alinea 79 Raad van State 6 maart 2019
Een alinea uit Raad van State 6 maart 2019, ECLI:NL:RVS:2019:699.
13.5. Voor zover [appellant] zich op het standpunt stelt dat de rechtbank het bestreden besluit indringender had moeten toetsen nu schorsing van het AOC een criminal charge als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden is, overweegt de Afdeling dat het Europees Hof van de Rechten van de Mens in het arrest Engel en anderen tegen Nederland, van 8 juni 1976, ECLI:NL:XX:1976:AC0386,§82, drie criteria heeft geformuleerd voor de bepaling of sprake is van een criminal charge. Ten eerste is van belang de classificatie van de sanctie naar nationaal recht, ten tweede de aard van de overtreding - mede bezien in relatie tot het doel van de sanctie - en ten derde de zwaarte van de maatregel. De laatste twee criteria zijn niet cumulatief: het voldoen aan één van deze criteria kan in bepaalde gevallen reeds leiden tot de conclusie dat van een criminal charge sprake is. Daarnaast is mogelijk dat het tweede en derde criterium in samenhang bezien een dergelijke conclusie kan rechtvaardigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/428b4e21bbf89bef6792807a314731173afcbb978583699723108023a9f6a91b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 428b4e21bbf89bef6792807a314731173afcbb978583699723108023a9f6a91b, en de alinea staat in dat document op bytes 32108 tot 33184.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/428b4e21bbf89bef6792807a314731173afcbb978583699723108023a9f6a91b | shasum -a 256