Citaat | Raad van State 16 januari 2019

Alinea 39 Raad van State 16 januari 2019

Een alinea uit Raad van State 16 januari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:98.

6.1. Meer Democratie beantwoordt die vraag bevestigend en stelt dat daarom de Intrekkingswet niet in werking is getreden en de Wrr onverkort geldt. Zij betoogt dat artikel 8 van de Wrr aan de inwerkingtreding van de Intrekkingswet in de weg stond en staat. Meer Democratie voert daarbij aan dat de Intrekkingswet, gelet op artikel 4 van de Wrr, gelezen in samenhang met artikel 5 van die wet, referendabel is. Derhalve had de minister, op grond van artikel 6, eerste lid, van de Wrr, onverwijld na de bekrachtiging van het voorstel van de Intrekkingswet moeten beslissen dat daarover een referendum kan worden gehouden. De minister had daarvan, gelet op artikel 7, eerste lid, van de Wrr, mededeling moeten doen in de Staatscourant. Een zodanige mededeling is uitgebleven. Omdat uit artikel 8, eerste lid, van de Wrr volgt dat een tijdstip van inwerkingtreding van een referendabele wet niet eerder wordt gesteld dan acht weken na deze mededeling en het in artikel VI van de Intrekkingswet vastgestelde tijdstip van inwerkingtreding daarvan afwijkt, is de inwerkingtreding van de Intrekkingswet, zo volgt uit artikel 8, tweede lid, van de Wrr, van rechtswege opgeschort. De in artikel VI neergelegde terugwerkende kracht tot aan de bekrachtiging maakt dit niet anders, want ook terugwerkende kracht geldt pas wanneer een wet in werking is getreden, aldus Meer Democratie. Dat het niet mogelijk is om in de Intrekkingswet zelf af te wijken van de (geldende) bepalingen over inwerkingtreding in de Wrr hangt samen met het karakter van de Wrr als een wettelijke regeling voor daaropvolgende wetten waaraan de wetgever niet alleen op juridisch-technische gronden maar ook op grond van de rechtszekerheid is gebonden. Meer Democratie voert aan dat het intrekken van de Wrr zonder daarvoor de door de Wrr voorgeschreven inwerkingtredingsprocedure te doorlopen, in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel. Uiteraard staat het de wetgever vrij om de Wrr te wijzigen, in te trekken of uitzonderingen daarop te formuleren in latere wetten. Dat doet echter niet af aan het feit dat dit slechts kan door middel van een formele wet die voor haar totstandkoming en inwerkingtreding onderworpen is aan het (dan) geldende regime van de Wrr. Burgers mogen en moeten erop kunnen vertrouwen dat de door de Wrr voorgeschreven inwerkingtredingsprocedure wordt toegepast op referendabele wetten en derhalve ook op de Intrekkingswet. De Wrr bevat geen mogelijkheid om een wet bij die wet zelf en dus buiten de uitzonderingen van artikel 5 om aan de mogelijkheid van het houden van een referendum te onttrekken, aldus

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9efaa7bdbeee9b023c900f07d50831bcae8a4a52daa099d638cee8d13a375472. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9efaa7bdbeee9b023c900f07d50831bcae8a4a52daa099d638cee8d13a375472, en de alinea staat in dat document op bytes 14698 tot 17313.