Citaat | Raad van State 22 april 2020

Alinea 29 Raad van State 22 april 2020

Een alinea uit Raad van State 22 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1121.

3.1. Uit het op ambtsbelofte opgemaakte rapport van bevindingen volgt dat de woning aan toeristen werd verhuurd. Zoals overwogen in de uitspraak van de Afdeling van 24 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4419, mag een bestuursorgaan, onverminderd de eigen verantwoordelijkheid ten aanzien van het bewijs, in beginsel afgaan op de juistheid van de bevindingen in een op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakt en ondertekend proces-verbaal, voor zover deze eigen waarnemingen van de opsteller van het proces-verbaal weergeven. Indien die bevindingen worden betwist, zal moeten worden onderzocht of er, gelet op de aard en inhoud van die betwisting, grond bestaat voor zodanige twijfel aan die bevindingen dat deze niet of niet volledig aan de vaststelling van de overtreding ten grondslag kunnen worden gelegd. Grond voor zodanige twijfel is hier niet aanwezig. Dat [naam B] de woning voor zeven dagen zou hebben onderverhuurd aan een vriend, neemt niet weg dat de woning op dat moment niet beschikbaar was voor duurzame bewoning. Gelet op het bovenstaande staat vast dat in dit geval kan worden gesproken van woningonttrekking. Voor de vaststelling van het feitelijk gebruik van de woning is het verder niet van belang wat de rol van [naam B] of [appellant] daarin is geweest. Wat [appellant] daarover heeft aangevoerd leidt dan ook niet tot een ander oordeel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3a40cd2106b129b1f52e57dac0272d8fa6dae3507b3e7573ef2d8232ad4bd03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3a40cd2106b129b1f52e57dac0272d8fa6dae3507b3e7573ef2d8232ad4bd03, en de alinea staat in dat document op bytes 9254 tot 10624.