Citaat | Raad van State 22 april 2020
Alinea 35 Raad van State 22 april 2020
Een alinea uit Raad van State 22 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1121.
5. Zoals de rechtbank terecht heeft overwogen dient, omdat de hoogte van de bestuurlijke boete bij wettelijk voorschrift is vastgesteld, de hoogte van de boete te worden getoetst aan artikel 5:46, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Hierin is bepaald dat het bestuursorgaan, indien de hoogte van de bestuurlijke boete bij wettelijk voorschrift is vastgesteld, niettemin een lagere bestuurlijke boete oplegt, indien de overtreder aannemelijk maakt dat de vastgestelde bestuurlijke boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraak van 5 juni 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1820, kunnen een verminderde verwijtbaarheid, een beperkte ernst van een overtreding en een geringe financiële draagkracht worden aangemerkt als bijzondere omstandigheden, als bedoeld in artikel 5:46, derde lid, van de Awb, die aanleiding geven om een boete te matigen. Voor zover de overtreder stelt dat een of meer van deze omstandigheden in dit geval aan de orde zijn, moet hij dat aannemelijk maken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3a40cd2106b129b1f52e57dac0272d8fa6dae3507b3e7573ef2d8232ad4bd03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3a40cd2106b129b1f52e57dac0272d8fa6dae3507b3e7573ef2d8232ad4bd03, en de alinea staat in dat document op bytes 12753 tot 13822.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d3a40cd2106b129b1f52e57dac0272d8fa6dae3507b3e7573ef2d8232ad4bd03 | shasum -a 256