Citaat | Raad van State 29 januari 2020

Alinea 43 Raad van State 29 januari 2020

Een alinea uit Raad van State 29 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:222.

LTO Noord en anderen stellen terecht dat het noodoverloopgebied, anders dan een bergingsgebied, niet wordt aangewezen op de legger. In artikel 5.1, eerste lid, van de Waterwet is bepaald dat de beheerder zorg draagt voor de vaststelling van een legger, waarin is omschreven waaraan waterstaatswerken naar ligging, vorm, afmeting en constructie moeten voldoen. In artikel 1 van de Waterwet is bepaald dat onder 'waterstaatswerk' een oppervlaktewaterlichaam, bergingsgebied, waterkering of ondersteunend kunstwerk wordt verstaan. Hieruit volgt dat uitsluitend de ondersteunende kunstwerken, en niet het noodoverloopgebied zelf, een waterstaatswerk zijn en op de legger worden opgenomen, terwijl een bergingsgebied wel een waterstaatswerk is. Dit verschil maakt echter niet dat het onderscheid in drie elementen niet kan worden gemaakt. Zoals in de uitspraak van de Afdeling van 25 april 2012 is overwogen, heeft de wetgever de aanwijzing op de legger noodzakelijk geacht voor de bepaling van de exacte grenzen van het gebied waar de duldplicht van artikel 5.26 van de Waterwet geldt. Aangezien deze duldplicht niet geldt bij een noodoverloopgebied, bestaat deze noodzaak daarbij ook niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da10d4e6891dd190bf9e959af19fca0cd5eb84365e506d1a0c8d74395c681d3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da10d4e6891dd190bf9e959af19fca0cd5eb84365e506d1a0c8d74395c681d3e, en de alinea staat in dat document op bytes 15289 tot 16488.